Kinderen en jongeren met laag gezinsinkomen sporten minder vaak
In hoeverre verschilt het sport- en beweeggedrag van jeugd uit gezinnen met een laag gezinsinkomen met dat van jeugd met een hoog gezinsinkomen? Om daar inzicht in te geven ontwikkelden we – op basis van analyses van het RIVM* – de infographics Sport- en beweeggedrag van kinderen & jongeren naar gezinsinkomen. ‘Hoe lager het gezinsinkomen, hoe lager de wekelijkse sportdeelname.’
Gezinsinkomen is van invloed op het sport- en beweeggedrag van kinderen en jongeren. Laura Butselaar, specialist Jeugd: “Uit de cijfers blijkt dat kinderen en jongeren met een laag gezinsinkomen minder vaak wekelijks sporten dan hun leeftijdsgenoten. Ongeveer de helft van deze kinderen (4-11) en jongeren (12-17) sport wekelijks. Een flink verschil met de 78% van de kinderen – en 89% van jongeren – uit gezinnen met een hoog gezinsinkomen.”
Overgang van kind naar jongere: sport en bewegen onder druk
Bij kinderen zijn de verschillen in sport- en beweeggedrag naar gezinsinkomen nog relatief klein, terwijl deze bij jongeren groter zijn. “Jongeren voldoen minder vaak aan de beweegrichtlijnen dan kinderen. Dat verschil is het grootst bij jongeren met een laag gezinsinkomen: waar 55 procent van de 4-11‑jarigen met een laag gezinsinkomen voldoende beweegt, geldt dat nog maar voor 31 procent van de 12-17‑jarigen in die groep”, zo pikt Butselaar er één van de verschillen uit.
Wat kun jij doen?
Ben je beleidsadviseur en heb je sport, welzijn, jeugd of bestaanszekerheid in je portefeuille? En wil je aan de slag met de ongelijkheid in sport- en beweeggedrag van jeugd? Kom dan naar een van onze bijeenkomsten. We maken je wegwijs in dit complexe vraagstuk en laten zien aan welke knoppen je kan draaien in jouw gemeente.
- dinsdagochtend 2 juni in Zwolle
- dinsdagochtend 9 juni in Utrecht
- dinsdagochtend 16 juni in Eindhoven
Meisjes
In de leeftijd 12-17 jaar blijven meisjes met een laag gezinsinkomen achter in hun wekelijkse sportdeelname ten opzichte van de jongens in die leeftijdsgroep. Zij ervaren ook minder plezier in sport. Butselaar: “Deze duidelijke verschillen tussen meisjes en jongens zie je niet bij jongeren met een hoog gezinsinkomen. Wanneer er naast een laag gezinsinkomen bij meisjes ook sprake is van een migratieachtergrond, stapelen de verschillen in sport- en beweegdeelname zich verder op.”
Beter passend aanbod

Voor kinderen en jongeren uit gezinnen met een laag gezinsinkomen kan een sterke sport- en beweegbasis helpen om ongelijkheid te voorkomen. Voor deze groep – met name de meisjes (12-17 jaar) – is een beter passend en toegankelijker sport- en beweegaanbod nodig, dat aansluit op hun leefwereld en specifieke behoefte.
‘Niet alleen een kwestie van geld’
Butselaar: “1 op de 10 kinderen en jongeren groeit op in een financieel kwetsbaar gezin. Dat zij minder sporten heeft niet alleen te maken met contributie of sportkleding. Vaak is er sprake van een stapeling van factoren: denk aan stress in het gezin, beperkte ruimte of mogelijkheden om mee te doen, en een omgeving die minder uitnodigt tot sport en bewegen. Ongelijkheid in sport- en beweegdeelname is daarmee niet alleen een financieel probleem, maar een breder sociaal maatschappelijk vraagstuk. Het verkleinen van deze verschillen vraagt om een aanpak die verder gaat dan alleen sportbeleid.”
*De cijfers in deze infographics zijn afkomstig uit de Aanvullende Module Bewegen en Ongevallen van de Leefstijlmonitor, RIVM, VeiligheidNL en CBS, 2021 en 2023 (analyses uitgevoerd door RIVM).
Bekijk ook
Vernieuwd: Beweeggids voor mensen met dementie
Ga jij als sportprofessional op Europese kennisstage?