Spring naar content
Naar alle interventies

Beweegkriebels

Met Beweegkriebels worden baby’s, dreumesen en peuters uitgedaagd om minimaal 60 minuten per dag te spelen en te bewegen. De werkwijze van Beweegkriebels kan worden toegepast binnen organisaties waar kinderen van 0 tot en met 4 jaar komen. Groepsleiding, opvangouders of begeleiders van de kinderen moeten toegerust zijn om met de kinderen spelenderwijs te bewegen. Beweegkriebels richt zich op het integreren van spelenderwijs bewegen in de dagelijkse structuur. Bewust bewegen met baby’s, dreumesen en peuters vraagt bijzondere vaardigheden zoals; creativiteit, begeleiding en spelinzicht. Beweegkriebels gaat in op het ontwikkelen van deze vaardigheden.

De uitvoer van Beweegkriebels in de praktijk (kinderdagverblijf, peuterspeelzaal, voorschool)

Kinderen moeten per dag 60 minuten actief bewegen. De Beweegkriebels activiteiten zijn hiervoor geschikt.
Beweegkriebels op de locatie betekent:

  • Elke dag Beweegkriebels activiteiten, in het totaal een uur bewegen
  • Opbouw van het aanbod in leeftijd en moeilijkheid
  • Een Beweegkriebels activiteit kan altijd geïmplementeerd worden in de dagelijkse routine, minimaal vier Beweegkriebels activiteiten per dag
  • Een beweegkriebels activiteit duurt minimaal 15 minuten
  • Alle kinderen kunnen meedoen
  • Professionals doen zelf mee, begeleiden actief de activiteiten
  • Een ouderbijeenkomst om ouders te informeren over bewegen

Jonge kinderen van 0 tot en met 4 jaar zijn volgens onderzoek inactief gedurende de dag waardoor zij de internationale richtlijnen voor lichamelijke activiteit niet behalen (Bornstein e.a.,2011; Goldfield e.a., 2012). Dit is een probleem omdat inactiviteit kan leiden tot overgewicht en motorische achterstand (Beck & van Brussel-Visser, 2019). Vanuit de kinderopvang was er behoefte aan handvatten om kinderen meer te laten bewegen. Vanuit die behoefte is Beweegkriebels ontwikkelt.

Van de jonge kinderen van 0 tot 4 jaar gaat ongeveer de helft naar de opvang. Bij de leeftijdscategorie 4 tot en met 12-jarigen is dit een kwart (Kijk op kinderopvang, augustus 2018). Kinderen in de kinderopvang zijn gedurende de dag inactief. Naast de kinderopvang zijn kinderen ook op een kinderdagverblijf regelmatig inactief, zij staan, zitten of liggen veel (Gubbels e.a., 2010). Hierdoor maken zij weinig grote bewegingen en zijn niet of matig lichamelijk actief (Gubbels e.a., 2010).

Genoeg bewegen en het ontmoedigen van langdurig zitten op jonge leeftijd, draagt bij aan persoonlijke, sociale en emotionele ontwikkeling. Verder draagt het bij aan bot- en spierontwikkeling, hersenontwikkeling (creativiteit, probleemoplossend vermogen, geheugen), verbeterde slaap en preventie van overgewicht (Beck & van Brussel-Visser, 2019).

Als er in de kinderopvang te weinig wordt bewogen kan dit een negatief effect hebben op de motorische en sociale ontwikkeling, wat weer kan leiden tot problemen in de toekomst. Daardoor is inactiviteit binnen de kinderdagopvang een groot probleem.

Door vroeg te investeren in bewegen, leg je de basis voor een actief leven. Kinderen ervaren zo van jongs af aan dat bewegen leuk is. Dit effect werkt door totdat ze volwassen zijn.

De einddoelgroep bestaat uit kinderen in Nederland van 0 tot en met 4 jaar binnen de kinderopvang. Met kinderopvang wordt bedoeld: de opvang waar beroepskrachten aanwezig zijn. Er worden verschillende vormen van opvang onderscheiden:

  • Dagopvang (in de regel voor nul tot vierjarigen)
  • Gastouderopvang (voor alle leeftijden tot aanvang middelbare school)
  • Peuterspeelzalen (voor twee- en driejarigen)
  • Voorscholen (voor twee- en driejarigen)

Eind 2018 is het aantal kinderopvangorganisaties in Nederland, dat is ingeschreven bij het LRKP, 2791. Gezamenlijk exploiteren zij 9.038 vestigingen. Het overgrote deel van de opvanglocaties zijn gecombineerde kinderdagverblijf/buitenschoolse opvang locaties. Aan het eind van 2018 staan er 31.350 gastouders ingeschreven in het LRK. Deze staan ingeschreven bij 654 gastouderbureaus.

Sinds de Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk op 1 januari 2018 is ingegaan, staan ook peuterspeelzalen bij het LKR ingeschreven als dagopvanglocaties (2.573 in 2015). De voorschool is ook een kinderopvangorganisatie, die samenwerkt met een basisschool (16 uur per week) voor kinderen met een taal of ontwikkelingsachterstand (voorschoolindicatie).

Het aantal kinderen dat gebruik maakt van kinderopvang is 819.000. Begin 2019 maakten hiervan 338.000 kinderen van 0-4 jaar gebruik van de dagopvang. Er is geen verschil in aandeel jongens of meisjes. Tussen 2007 en 2017 is het aantal kinderen van 0 tot 4 jaar afgenomen met 70 duizend tot net onder de 700 duizend (jaarrapport 2017 landelijke jeugdmonitor). Het percentage kinderen dat bereikt kan worden via de dagopvang is: 48,29. Deelname aan kinderopvang onder lage inkomens is laag. Het is niet duidelijk of de deelname door de lagere-inkomensgroep een kwestie is van willen of kunnen (Roeters, 2016)

In de periode 2015-2019 zijn 8 train de trainer trajecten Beweegkriebels uitgevoerd. Hierin zijn per train de trainer 10 trainers opgeleid. Deze 80 trainers hebben de training Beweegkriebels uitgevoerd in ongeveer 50 plaatsen. Deze trainers hebben gemiddeld 10 pedagogische medewerkers opgeleid, welke op hun beurt weer met de kinderen Beweegkriebels activiteiten uitvoeren. Een pedagogisch medewerker heeft gemiddeld 15 unieke kinderen in een groep. In totaal hebben tenminste 12.000 van 0 tot en met 4 jarigen deelgenomen aan Beweegkriebels. Een veelvoud van dit aantal kinderen is bereikt omdat er inde periode van 0-4 jaar steeds nieuwe kinderen op de groepen in de opvang komen.

Beweegkriebels wordt uitgevoerd sinds 2005.

(Toekomstig*) professionals in de kinderdagopvang, gastouderopvang, peuterspeelzalen en voorscholen (die getraind zijn door Beweegkriebels trainers zoals beschreven onder 4. Opleiding en competenties).

Er werken circa 70.000 professionals in de kinderopvangsector. De sector bestaat voor 97,5% uit vrouwen, de grootste groep is jonger dan 35 jaar. In de kinderopvang is het verplicht om minimaal in het bezit te zijn van een MBO-diploma op het niveau SPW-3 (of gelijkwaardig). Ongeveer een derde van de Professionals heeft een opleidingsniveau boven de eisen (SPW4 of hoger).

Ze zijn geschoold in het verzorgen, begeleiden naar zelfstandig worden en stimuleren van de ontwikkeling van kinderen. Daarnaast leren ze omgaan met ouders/ verzorgers en leren ze over veiligheid en hygiëne. Medewerkers op voorscholen zijn meestal HBO geschoold.

*Met toekomstige professionals wordt bedoeld: de studenten binnen relevante opleidingen (zoals: SPH, S&B, CIOS, PABO en ALO). De interventie Beweegkriebels wordt ingebed binnen deze opleidingen om studenten te scholen in Beweegkriebels zodat zij in het werkveld direct aan de slag kunnen met Beweegkriebels. In het werkblad wordt verder gebruik gemaakt van de term professionals.

Hoofddoel

Hoofddoel einddoelgroep

Kinderen van 0 tot en met 4 jaar zijn elke dag in de kinderopvang minimaal 60 minuten in beweging doordat er passend en structureel beweegaanbod is binnen de kinderopvang

Hoofddoel intermediaire doelgroep

Professionals binnen de opvang bieden dagelijks een uur passend beweegaanbod aan, verdeeld over minimaal vier beweeg activiteiten. Professionals binnen de opvang bieden kinderen een omgeving die speels bewegen stimuleert.

Subdoel

Subdoelen einddoelgroep:

  • Kinderen van 0-4 jaar ervaren plezier aan bewegen en spelen, waardoor ze een positieve beweegattitude ontwikkelen;
  • Kinderen van 0-4 jaar worden minimaal vier keer per dag door de professionals aangezet tot bewegen;
  • Kinderen van 0-4 jaar spelen minimaal 1 keer per dag met eenvoudige beweegmaterialen;

Subdoelen intermediairs:

  • Professionals zijn zich bewust van het belang van bewegen voor kinderen van 0-4 jaar;
  • Professionals kunnen kinderen tussen 0-4 jaar passend beweegaanbod aanbieden;
  • Professionals hebben zelf (weer) plezier in het aanbieden en uitvoeren van beweegactiviteiten
  • Professionals hebben kennis over de mogelijkheden van het aanbieden van beweegactiviteiten;
  • Professionals beschikken over meer vaardigheden op het gebied van creativiteit, begeleiding en spelinzicht om beweegactiviteiten uit te voeren;
  • Professionals hebben kennis en vaardigheden over het gebruik van eenvoudige materialen omspelenderwijs te bewegen;
  • Professionals hebben het beweegaanbod voor de kinderen van 0-4 jaar uitgebreid tot opgeteld minimaal een uur beweegactiviteiten per dag;
  • Professionals zijn actief betrokken bij de beweegactiviteiten van de kinderen door: meespelen, meebewegen en enthousiasmeren.
  • Professionals hebben handvatten gekregen om Beweegkriebels te implementeren en borgen binnen de eigen organisatie.

Randvoorwaardelijk subdoel:

  • Toegenomen bewustzijn van het management van de opvangorganisatie over het belang van voldoende bewegen door kinderen van 0-4 jaar
  • Draagvlak bij het management van de opvangorganisatie voor het uitvoeren van Beweegkriebels in de praktijk.
  • Meer opvangorganisaties die Beweegkriebels uitvoeren hebben bewegen als thema opgenomen in hun beleid

Daarnaast richt Beweegkriebels zich via de professionals ook op de ouders/ verzorgers. Dit is belangrijk omdat ouderlijke betrokkenheid van belang is om er zeker van te zijn dat de kennis van de interventie setting, zoals bijvoorbeeld een kinderdagverblijf, overgedragen wordt naar de thuisomgeving (Riethmuller e.a.,2009).

De doelen worden gemeten door middel van een jaarlijkse procesevaluatie onder de uitvoerende professionals.

Opzet van de interventie

In de opbouw van de interventie zijn 6 fasen te onderscheiden.

Wie is de aanvrager of initiatiefnemer van de interventie en op welke manier en vanaf welke fase of bij welke stap (zie A) is deze betrokken?

Indien een organisatie Beweegkriebels wil uitvoeren, dient een directielid (manager, locatiehoofd) van een van onderstaande kinderopvangorganisaties zich aan te melden bij Huis voor Beweging. Voorbeelden van organisaties die zich kunnen aanmelden zijn:

  • Een kinderdagverblijf
  • Een peuterspeelzaal
  • Een voorschool

Vervolgens wordt er een contract afgesloten met de aanvrager en Huis voor Beweging zodat de betrokkenheid van de organisatie wordt vergroot.

De volgende stap is, dat de aangemelde organisatie medewerkers selecteert welke deelnemen aan de training Beweegkriebels. Er dienen minimaal 8 en maximaal 12 mensen de training te volgen. De opgeleide professionals voeren Beweegkriebels in hun eigen lokale werksituatie uit. Zij zorgen voor:

  • Het opzetten en uitvoeren van een beweegaanbod. Dit betekent dat er elke dag minimaal 60 minuten bewogen dient te worden en dat het beweegaanbod voldoet aan de vier uitgangspunten van Beweegkriebels (zie 1.3 fase 3)
  • De overdracht van kennis naar collega’s zodat de methodiek Beweegkriebels door meerdere collega’s wordt gedragen en uitgevoerd
  • Het geven van het goede voorbeeld op het gebied van bewegen, door zelf beweegactiviteiten voor te doen
  • Het jaarlijks organiseren van een ouderbijeenkomst zodat ouders op de hoogte zijn van het beweegbeleid en aanbod
  • Communicatie en educatie naar ouders over voldoende bewegen en de rol van ouders als voorbeeld voor hun kinderen
  • Borging en implementatie van Beweegkriebels binnen (het beleid van) de opvangorganisatie.

Andere (mogelijk) betrokken organisaties bij de uitvoering van de interventie zijn:

Huis voor Beweging

Huis voor beweging ondersteunt en adviseert de organisaties die werken met Beweegkriebels op het gebied van implementatie en borging. Zij verzorgt de trainingen en train de trainer trajecten, levert de Beweegkriebels producten en zorgt voor de kwaliteitsborging en doorontwikkeling van de interventie.

Consultatiebureaus

Het consultatiebureau heeft een informatieve en stimulerende functie naar ouders voor wat betreft Beweegkriebels en het belang van bewegen. De consultatiebureaus kunnen werken met de informatiematerialen van Beweegkriebels om het belang van bewegen onder de aandacht te brengen bij ouders. Consultaties bureaus kunnen in het Beweegkriebels traject een adviserende rol naar ouders vervullen, dit hoeft echt niet.

Provinciale sportraden

De provinciale sportraden kunnen een rol spelen bij de uitrol van Beweegkriebels in het land. Dit kunnen zij doen door het leveren van opgeleide trainers Beweegkriebels. Deze gecertificeerde trainers voeren de training uit binnen een regio en dragen daardoor bij aan het beweging krijgen van de kinderen. De provinciale sportraden begeleiden de professionals die werken met de kinderen.

Opleidingsinstituten

Beweegkriebels maakt onderdeel uit van opleidingsinstituten zoals Sport en Bewegen en Pedagogisch medewerker. Dit betekent dat binnen deze opleidingen Beweegkriebels onderdeel is van het curriculum. Hierdoor kunnen opgeleide docenten studenten opleiden via de methodiek Beweegkriebels zodat toekomstige professionals die werken met de doelgroep 0 tot en met 4-jarigen bewegen volgens de Beweegkriebels methode. Opleidingsinstituten zullen vooral de rol als trainer en opleider op zich nemen.

Gemeenten

Gemeenten kunnen Beweegkriebels inbedden binnen hun gemeentelijke onderwijs-, welzijns- en/of sportstimuleringsbeleid. Vanuit deze invalshoek hebben gemeenten de kans een doorlopende leerlijn aan te bieden naar bewegingsonderwijs op de basisschool.
Gemeenten zullen vooral de rol van stimulator en facilitator op zich nemen.

(Zie tabel in het werkblad pg.10)

Locaties en Uitvoering

Er zijn verschillende organisaties die Beweegkriebels kunnen faciliteren, aanbieden, uitvoeren of promoten. Hoe meer verschillende organisaties de visie, methodiek en activiteiten van Beweegkriebels aanbieden en communiceren hoe groter de kans is dat professionals bekend worden met Beweegkriebels en de interventie (kunnen) uitvoeren. Herhaling is hier een belangrijk middel om de methodiek te verspreiden. De organisaties die Beweegkriebels uitvoeren zijn: kinderdagverblijven, peuterspeelzalen en voorscholen

Opgeleide professionals voeren de beweegactiviteiten uit met kinderen tussen 0-4 jaar en zorgen voor een kwalitatief en kwantitatief goed beweegaanbod. Professionals moeten toegerust zijn om met de kinderen spelenderwijs te bewegen. Binnen elke organisatie en locatie kan Beweegkriebels worden toegepast ongeacht ruimte, locatie of materiaal.

Implementatie landelijk:?

De landelijke implementatie van Beweegkriebels wordt door Huis voor Beweging uitgevoerd. Middels een communicatieplan wordt Beweegkriebels onder de aandacht gebracht van organisaties en opleidingen. Huis voor Beweging zal de komende jaren Beweegkriebels blijven ondersteunen, faciliteren en door ontwikkelen. De train-de-trainer wordt landelijk bekend gemaakt via websites, advertenties en mailingen. Jaarlijks worden opgeleide professionals bijgeschoold tijdens de Energiedag.

Implementatie bij intermediair:

De opgeleide trainer verzorgt de training Beweegkriebels. Elke trainer zet de training uit via zijn/haar eigen organisatie. Beweegkriebels biedt verschillende mogelijkheden zoals:

  • integreren binnen het curriculum van de opleiding
  • aanbieden van een scholing binnen de eigen organisatie
  • aanbieden van de scholing als open inschrijving.

In de train-de-trainer worden al deze mogelijkheden besproken met de opgeleide trainers. Aangezien Beweegkriebels is ingedeeld in afgeronde thema’s kunnen de opgeleide trainers de training zelf vormgeven met de handvatten die ze hebben gekregen. Hierdoor kan de training afgestemd worden op de behoefte van de deelnemers. Via de website van Huis voor Beweging is het mogelijk dat opgeleide trainers hun trainingsaanbod bekend maken.

Implementatie lokaal?

Om Beweegkriebels te implementeren moeten professionals de training Beweegkriebels volgen. Hiervoor kan contact worden opgenomen met trainers Beweegkriebels welke via de website van Huis voor Beweging onder Beweegkriebels te vinden zijn. ?

Elke organisatie kiest zijn/haar eigen manier van implementeren. De interventie biedt verschillende mogelijkheden (zie 1.3 Aanpak: fase 3), die aan bod komen tijdens de trainingen. Beweegkriebels voor de kinderen op de verschillende locaties kan verschillend worden vormgegeven.?

Elke organisatie voert Beweegkriebels uit op de manier die bij hun locatie en praktijk aansluit. Dit kan zijn elke dag Beweegkriebels activiteiten of het integreren van Beweegkriebels activiteiten gedurende de hele dag op momenten dat het kan. ?

Op deze manier geeft ieder Beweegkriebels een eigen invulling binnen de methodiek van de interventie. Dit maakt Beweegkriebels bij uitstek een interventie waar professionals mee aan het werk kunnen in de eigen praktijk en met de eigen visie op hun pedagogisch beleid.

Uitleg:

(zie tabel in het werkblad pg.16)

De aanpak is helder beschreven en de doelgroepen ‘kinderen 0-4 jaar’, ‘professionals in de kinderopvang’ en de setting ‘kinderopvang’ zijn goed gekozen. het is aannemelijk dat hier iets aan beweeggedrag te verbeteren valt. De commissie heeft nog wel de zorg rondom het praktische punt van haalbaarheid omdat er ruimte gemaakt moet worden in het drukke dagprogramma. Betrokkenheid van management is cruciaal.

De uitvoerbaarheid wordt door de erkenningscommissie als ‘goed’ gewaardeerd. Er zijn uitgebreide materialen en ondersteuning voor de uitvoering beschikbaar. De materialen zijn duidelijk, verzorgd en aantrekkelijk. De brede implementatie in het land ondersteunt dit. Deelnemers aan de trainingen zijn enthousiast. 

Belangrijke documenten

Uitgebreide beschrijving (pdf)

Contactpersonen


Beoordeling / erkenning

  • Goed onderbouwd
Dit is een erkende interventie